Karaffen & Decanteerders
Karafferen laat jonge wijn ademen en houdt het bezinksel van oude wijn uit je glas. Hier lees je wanneer en hoe je het doet.
Waarom karafferen?
Karafferen heeft twee heel verschillende doelen. Bij jonge, stevige rode wijn zorgt het voor extra zuurstof. Daardoor wordt de wijn zachter en gaan de geuren beter open. Bij oudere wijn gaat het juist om iets anders: het bezinksel dat in de fles is ontstaan, blijft achter terwijl je de heldere wijn in de karaf schenkt.
Niet elke wijn heeft dit nodig. Lichte rode wijn en de meeste witte wijn hoef je niet te karafferen. Voor een stevige, jonge rode wijn kan het echt een verschil maken in de smaak.
Soorten karaffen
Brede karaf (zwaan)
Jonge, tannieuze rode wijnDe brede bodem geeft veel oppervlakte, zodat de wijn snel in contact komt met zuurstof. Ideaal voor een jonge Barolo of Bordeaux die nog stroef smaakt.
Klassieke decanteerder
Oudere wijn met bezinkselSmal en elegant. Het doel is niet luchten, maar het bezinksel netjes in de fles achterlaten terwijl je de heldere wijn overschenkt.
Wijnbeluchter (pourer)
Snel gebruik, dagelijks glasEen klein hulpstuk op de fles dat de wijn direct belucht terwijl je inschenkt. Sneller dan een karaf, minder indrukwekkend om te zien.
Hoe karaffeer je een fles?
- 1.Jonge, tannieuze rode wijn: schenk de hele fles rustig over en laat 30 tot 90 minuten staan voor het serveren.
- 2.Oude wijn met bezinksel: laat de fles een dag rechtop staan zodat het bezinksel zakt, en schenk daarna langzaam en gelijkmatig over.
- 3.Stop met schenken zodra je bezinksel in de hals van de fles ziet komen.
- 4.Lichte, frisse wijnen hoef je niet te karafferen: dat kan de smaak juist platter maken.
- 5.Was een karaf met alleen warm water, zonder afwasmiddel, om geursmaakjes te voorkomen.
